De huidige markt- en financieringsstructuur van gerechtsdeurwaarders is toekomstbestendig. Ondanks de krimp van de beroepsgroep komen de publieke belangen vooralsnog niet in het geding. Wel vragen twee zaken om aandacht: extra werkzaamheden zullen gefinancierd moeten worden, en de afname van het aantal gerechtsdeurwaarders in dunbevolkte regio’s verdient monitoring.
Gerechtsdeurwaarders oefenen een staatstaak uit: het effectueren van het recht. Verschillende ontwikkelingen rond de beroepsgroep – de krimp van de beroepsgroep, de versterkte bescherming van debiteuren en mogelijke nieuwe sociale taken – roepen de vraag op of die taak in gevaar komt. In opdracht van het WODC onderzocht Atlas Research hoe de markt- en financieringsstructuur van gerechtsdeurwaarders er nu uitziet, welke ontwikkelingen zich voordoen en welke gevolgen die kunnen hebben. We deden dit op basis van deskresearch, twee enquêtes onder gerechtsdeurwaarders (uitgezet via de KBvG), interviews en focusgroepen met een breed scala aan betrokkenen, en een kwalitatieve economische analyse van de markt.
Wat doet een gerechtsdeurwaarder?
Een deel van het werk van de gerechtsdeurwaarder is voorbehouden aan het ambt: alleen een gerechtsdeurwaarder mag deze ambtshandelingen verrichten. Het gaat dan om zaken als het aanhangig maken van een gerechtelijke procedure, het betekenen van een rechterlijk vonnis en het leggen van beslag op bezittingen, inkomen of banktegoeden. Voor dit type handelingen liggen de tarieven wettelijk vast. Daarnaast verricht de gerechtsdeurwaarder werk dat ook openstaat voor andere partijen – het incasseren van vorderingen bijvoorbeeld, een taak die ook incassobureaus uitvoeren.
Een markt met sterk verschillende segmenten
De markt voor gerechtsdeurwaarders is geen homogeen geheel. De onderhandelingsverhoudingen verschillen per segment, waarbij vooral de omvang van de opdrachtgever, de opdracht en het kantoor bepalend zijn. Grote opdrachtgevers met bulkopdrachten staan sterker tegenover gerechtsdeurwaarders; op het segment waar kleine kantoren kleine opdrachtgevers bedienen, hebben de gerechtsdeurwaarders juist een betere positie. Er zijn geen aanwijzingen dat kleinere opdrachtgevers daardoor een slechtere toegang tot het recht hebben.
Ontwikkelingen in de taken van gerechtsdeurwaarders
De maatschappij verwacht in toenemende mate dat gerechtsdeurwaarders een socialere rol op zich nemen. Een vergoeding voor die rol ontbreekt vooralsnog, en ook het wettelijk kader sluit er nog niet volledig op aan. Wat verwachte ontwikkelingen als een sociale zorgplicht of een Collectief Afbetalingsplan precies betekenen voor de toekomstbestendigheid van de financieringsstructuur, laat zich op dit moment nog niet vaststellen. Hoe kantoren op die veranderingen reageren, zal bovendien uiteenlopen: grotere kantoren zouden er nieuwe kansen in kunnen zien, terwijl het voor kleinere kantoren juist een impuls kan betekenen.
Tegelijk nemen zowel de vraag naar als het aanbod van gerechtsdeurwaarders af. Die twee zijn tot dusver met elkaar in de pas gebleven. In dunbevolkte regio’s ligt het risico voor de rechtshandhaving het hoogst: voor kantoren zijn die gebieden minder aantrekkelijk, onder meer door de afstanden die er afgelegd moeten worden. Juist deze regionale deelmarkten verdienen daarom voortdurende monitoring.
Conclusies en handelingsperspectief
Wordt het takenpakket van gerechtsdeurwaarders inderdaad uitgebreid, dan zullen die extra werkzaamheden gefinancierd moeten worden. Hoe die financiering eruitziet, hangt nauw samen met de invulling van de nieuwe taken – en die is nu nog onduidelijk. Daarom zijn op dit moment geen algemene maatregelen nodig ten aanzien van de financieringsstructuur.
Om in te spelen op een tekort aan gerechtsdeurwaarders in bepaalde regio’s heeft de overheid verschillende opties, oplopend in ingrijpendheid: sturing via de toets op ondernemingsplannen, subsidiëring van reiskosten, het financieren van de opleiding om toetredingsdrempels te verlagen, een contracteerplicht, en als meest verstrekkende optie het zelf in dienst nemen van gerechtsdeurwaarders als ambtenaar. De inzet daarvan is nu niet aan de orde. Overheidsingrijpen ligt pas voor de hand wanneer de publieke belangen – toegang tot het recht en debiteurenbescherming – niet langer voldoende worden geborgd.
De markt is bestand tegen de verwachte ontwikkelingen, dankzij de ondernemingszin van gerechtsdeurwaarders en de borging van publieke belangen door gericht overheidsingrijpen. De heterogeniteit van de markt maakt wel dat de toekomstbestendigheid niet voor de markt als geheel te beoordelen is: monitoring per segment en gerichte ingrepen waar nodig zijn de sleutel.
Lees hier de samenvatting (Nederlands) en de summary (English). Bekijk hier de infographic.
Te citeren als:
Burema, F., Halbersma, R., Postema, D., & Schleijpen, K. (2026). Dienen en verdienen. De toekomstbestendigheid van gerechtsdeurwaarders. Amsterdam: Atlas Research.